Teeltadviesdienst TTW is verhuisd van Oude-Tonge naar een bijzonder nieuwbouwproject in het buitengebied van Sommelsdijk. Directeur Jacob Struik maakt zich zorgen over de toenemende druk op landbouw in Nederland.

Bijna drie jaar geleden was Nederland eveneens in de ban van trekkeracties. TTW-directeur Jacob Struik hield destijds een inleiding voor een groep van vijftig mbo-akkerbouwscholieren in Friesland. Hij toonde een illustratie die bouwgroep BAM al in 2013 presenteerde. Hierop wordt een door hen ingeschatte invulling van Nederland in 2030 geschetst. ‘Wie goed kijkt, ziet dat er voor landbouw geen ruimte is ingetekend. Die ruimte moet je bevechten’, zei hij. Struik schetste het beeld van een snel oprukkende stadstaat, waar amper nog plaats is voor landbouw.

Mijlenver voor op buitenland

‘We gaan al aardig die kant op hè’, verzucht Struik, nu vanuit het gloednieuwe TTW-kantoor in Sommelsdijk. Gerust is hij er bepaald niet op, dat er een krachtige landbouw blijft in Nederland. Hij vreest dat de overheid de kip met de gouden eieren aan het slachten is. ‘We doen wel eens projecten in het buitenland, maar dan merk je dat het kennisniveau in Nederland, en ik durf te zeggen zeker dat van ons, mijlenver voor ligt op de rest van de wereld. Daardoor kun je er in het buitenland vaak minder mee, het gat is groot.’ Hij vertelt dat boeren in het buitenland qua mentaliteit, inzicht en technische kennis op veel plekken achterlopen op Nederland. ‘Telen in Nederland is gewoon topsport. Wat hier basisbegeleiding is, is daar het hoogste niveau.’

Dat alles opofferen kan en mag niet gebeuren, vindt Struik. Hij hoopt dat het gezonde verstand terugkeert bij de regering. ‘En anders moeten we als sector een streep trekken: tot hier en niet verder. Anders saneren we de landbouw hier weg, met grote gevolgen.’

Kantoor met proefveldjes

Ondanks zijn zorgen over de toekomst van de boeren in Nederland investeerde Struik met zijn TTW toch in gloednieuwe huisvesting voor zijn adviesdienst. Het is een bijzonder gebouw geworden, middenin de polder van Goeree Overflakkee. Het kantoor is 1.000 vierkante meter en bevat ruimte voor monsternames en klimaatcellen. De enorme glazen pui op de zuidkant is een echte blikvanger. Op het dak ligt een halve meter grond met gras erop. ‘Goed voor de isolatie en mooi voor de landschappelijke inpassing’, zegt Struik. Op drie kanten van het gebouw is een grashelling gemaakt, zodat je met de maaier al maaiend het dak op kunt rijden. Op het dak staat, ingebouwd in het gras, ook een grote betonnen bak. Daarin liggen 220 zonnepanelen, tegelijkertijd doet de bak ook dienst als regenwateropvang. Op het drinkwater na draait het hele gebouw op regenwater. Er is gebouwd met hoogwaardig materiaal, de verlichting is daglicht gestuurd.  ‘Ik wilde graag een pand dat nu nog redelijk bijzonder is, maar over tien jaar gewoon is.’

Het kantoor staat op 1,5 hectare grond. Er is dus ruimte om diverse proefveldjes aan te leggen. ‘Nu bedenken we het op kantoor en proberen het uit bij de boer. De verhuizing maakt het mogelijk dat we ook zelf proefjes kunnen doen.’

‘Telen in Nederland is topsport’

TTW heeft 13 medewerkers en helpt akkerbouwers, broeiers en trekkers van witlof, uien, aardappelen, granen en bloembollen met behulp van eigen verzamelde data anders naar hun perceel en gewas te kijken. Door omstandigheden te verbeteren, kan het groeiproces beïnvloed worden, met een hogere opbrengst als einddoel. ‘Wij bieden een andere kijk. Niet vanuit emotie maar vanuit data kijken wij naar een gewas. In ons TTW systeem is 35 jaar aan data opgeslagen waar we ieder moment een beroep op kunnen doen om telers te adviseren.’

Vorig artikelGezuiverd water tilt drijfmest naar hoger niveau
Volgend artikelPO Eiwitboeren wil teelt weer lucratief maken